in ’t geniep
sedert de zomers van weleer
herinner ik mij elke rokkenparade
die de buurvrouw opvoert
wanneer ze denkt dat niemand kijkt
gaat het haar niet om de aandacht
of doet ze ’t enkel en alleen voor mij
ik zou het niet zeker kunnen weten
al is ze om te zien behoorlijk vlinderachtig
en ik voel alweer een fladder in m ’n buik
wanneer ik eventjes aan haar denk
zo droeg ze eens een rokje
met meerdere gepigmenteerde vlekken
en ik bekeek haar van meerdere kanten
waarbij ik me verwonderde – over
een ware kleurexplosie
laatst hield ze er weer eentje
en ik zag ’t vanaf m ’n vertrouwde plekje
dat ze de lucht een handkusje met knipoog gaf
waarna onder mijn deurmat een brief lag
waarin ze me vroeg, op beleefde wijze
of ik nog iets brutaler wilde zijn
er zat namelijk een sleutel bij

Plaats een reactie