of liefde plotseling verblindt
van waar komt die blik opeens
ik bedoel….die blik in je ogen
die is zo zuiver en puur
dat ’t lijkt alsof ik verdwijn
in kloven van rauwe energie
ze verdrijft alle deemsternis
waarin ik indertijd weer eens
in verwikkeld ben geraakt
als een enorm doek zonder eind
rafels jeuken op ’t ranke lijf
’t is een aangename tinteling
alwaar haar zicht de stof verscheurt
zo valt het in smoezelige repen
zonder sporen na te laten
in alle vrijheid verkeren wij thans
op de paden der hartstocht
terwijl al ’t onnodige van ons afvalt
en in een helder licht vergaat

